Oorsprong en bestemming van de mens

Oorsprong en bestemming van de mens

Oorsprong en bestemming van de mens
Deel 1 – De oorsprong

1.1 Inleiding

Gen. 1:27“God schiep de mens naar zijn beeld: naar Gods beeld schiep hij hem; man en vrouw schiep hij hen”.

In de Bijbelstudie over het thema “Geloof” is het volgende gesteld:

“Door de Bijbel te aanvaarden heeft de gelovige een basis voor zijn gehele leven, immers: de Bijbel bevat honderden onderwerpen die het menselijk leven raken. Zowel in het hier-en-nu als in het leven ná de dood c.q. de beloften die ons hieromtrent zijn gedaan.”

In deze Bijbelstudie gaan we door op dezelfde basis: de Bijbel is betrouwbaar, en het criterium voor onze realiteit. Op basis daarvan gaan we deze keer het thema “Oorsprong en bestemming van de mens” bestuderen, de “leer van de mens” - met een mooi woord: Antropologie. Maar dan wel op basis van de Bijbel!  Vanuit theologisch oogpunt hebben we het hier over de verhouding tussen God en mens.

De grote vraag die de filosofen trachten te beantwoorden is: “wat is de zin van de mens, wat is het doel van een mensenleven?”. Zeker als het eenmaal sterven moet. En de vraag: “wat is de oorsprong van de mens? Is de mens een hoogontwikkeld zoogdier, een schakel in de evolutie?”

Wij –als christenen- bekijken deze vragen niet vanuit het zogenaamde wetenschappelijke standpunt, maar willen luisteren naar wat de Bijbel er over zegt. We hebben hier namelijk te maken met het raadsbesluit [of: geheimenis] van God, in schepping en verlossing.

Efeze 1:5-12

1.2 Wat is de mens?

1.2.1 Volgens de mens…
“Wat is de mens” is de kernvraag van de filosofen en andere wetenschappers. En natuurlijk geven ze daar ook antwoorden op:

a. het materialisme – de mens wordt beschouwd als “materie”, die ‘vanzelf’ tot een hoge levensvorm is geëvolueerd (ontwikkeld). Dit is volgens hen eenvoudig het gevolg van toeval en heel veel tijd. De ‘geest’ –van de mens, die bij dieren ontbreekt- is volgens hen eenvoudig het produkt (resultaat) van materie, en wel een produkt van de hoogste orde maar wel: van materie afgeleid. De evolutieleer is een duidelijk produkt van deze ideeën;

b. het idealisme – beweert precies het tegenovergestelde. Dit gaat uit van de wereld van ideeën oftewel bovenaardse realiteiten. Volgens hen is de zichtbare, aardse, werkelijkheid –waaronder ons lichaam- maar schijn en daarom in wezen onbelangrijk of zelfs een verhindering of iets minderwaardigs. Dit denkbeeld komt ook in diverse godsdiensten of religies voor. Te beginnen bij het gnosticisme (occult) tot in veel oosterse filosofieën en religies;

c. het pragmatisme – vindt deze uitgangspunten en vragen niet zo belangrijk of wezenlijk. Het richt zich op de onderlinge menselijke betrekkingen, het gedrag van de mens als produkt van zijn ervaring en omgeving.

Deze theorieeën hebben een heel grote invloed op de samenleving, vaak zonder dat wij dit weten. Enkele voorbeelden – om het wat tastbaarder en minder vaag te maken - hiervan zijn:

  • kapitalisme: een vorm van “mechanistisch” materialisme;
  • communisme: berust op het zogenaamde “dialectisch” materialisme;
  • griekse filosofie, die de Europese cultuur en het Rooms Katholicisme sterk hebben beïnvloed, is een voorbeeld van het idealisme. Andere voorbeelden hiervan zijn het hindoeïsme en bhoedisme.
  • Moderne menswetenschap is een sterk voorbeeld van het zogenaamde pragmatisme, we vinden dit dus vooral terug in de psychologie en de sociologie.

1.2.2 Volgens de Bijbel…
De menselijke gezichtpunten zijn strijdig met de Bijbel. De reden is: ze zijn vaak vanuit een totaal ander vertrekpunt geformuleerd, namelijk: de méns centraal! Speuken 1:7 zegt “De vreze des Heren is het begin der kennis” en Spreuken 9:10 zegt “het kennen van de Hoogheilige is verstand”. Met andere woorden: als vertrekpunt voor ons denken moet uitgegaan worden van wat God er van vind en hoe Híj het bedoeld heeft!

Wat is de mens – volgens de Bijbel? De mens is een geschapen wezen, daarin is de mens net zo goed een schepsel als zijn mede schepselen van de zesde dag: Genesis 1:24-27. Daarmee is de mens dus niet:

  • het produkt van toeval, of schakel in de evolutie, zoals het materialisme leert;
  • een tijdelijke vorm van een ‘idee’, zoals het idealisme zegt;
  • te verklaren als drager van verleden, omgeving en relaties zoals het pragmatische beweert.

1.2.3 Tegenstelling mens en dier
Tussen de mens en de dieren is een grote tegenstelling. De dieren zijn geschapen “ieder naar zijn aard”. Iedere ‘aard’ in een eigen lichaam, met eigen vlees.

I Korinthe 15:38-39. Dit gedeelte gaat natuurlijk over een heel ander onderwerp, maar Paulus maakt het in twee verzen duidelijk: God heeft aan elk ‘zaad’ zijn eigen lichaam gegeven. En dat verschil zie je zelfs terug in het vlees van elk dier afzonderlijk! Iedereen die wel eens vlees eet weet dit. Varkensvlees bijvoorbeeld is qua smaak en structuur totaal iets anders dan gevogelte of vis! De mens heeft een totaal andere oorsprong, namelijk: geschapen naar het beeld van God! Er is dus een wezenlijk verschil tussen mens en dier. Dat sluit dus elke gedachte van evolutie uit. Het maakt het zoeken naar de ‘ontbrekende schakel’ absoluut overbodig en bij voorbaat kansloos.

Het zoeken naar een gezamenlijke oorsprong van mens en dier kan je vergelijken met een spoorlijn: je ziet twee ijzeren staven naast elkaar liggen. Maar als je naar de horizon kijkt, lijken die staven een gezamenlijk startpunt te hebben – alsof ze daar in de verte samensmelten… zou je de spoorlijn gaan volgen dan zou je uiteindelijk moeten constateren dat ze elkaar nóóit of te nimmer zullen raken! Ze beginnen wél gelijktijdig, maar ze blijven altijd keurig naast elkaar lopen.

1.3 Schepping
Veel mensen hebben moeite het scheppingsverhaal te aanvaarden. Immers: de wetenschap lijkt de evolutietheorie [steeds beter] te kunnen staven! Ook binnen het [evangelisch] christendom is er steeds meer twijfel. Eén van de populaire varianten op deze leer (welke door de wetenschap wordt verworpen overigens!) binnen het christendom is de leer van de “geleide evolutie”.

In de “geleide evolutie” wordt uitgegaan van de idee dat God de evolutie geleid of gestuurd heeft met als resultaat de wereld waarin wij nu leven. Er zijn talloze varianten hierop.

Eén van de kerngedachten in deze leer is dat de schepping niet letterlijk zes dagen [van 24 uur] heeft geduurd, maar veel langer kan hebben geduurd, immers: “duizend jaar is als een dag” beweert men dan. En, zeggen sommigen, “het kan ook wel zo zijn dat het dagen van een miljoen jaar zijn geweest”. Persoonlijk verwerp ik dit idee volledig. De Bijbel geeft namelijk geen énkele aanleiding dit te beweren en het is zéker niet Bijbels te onderbouwen.

Het begin en einde van een jaar, seizoenen, enz is bepaald door de omwenteling van de aarde om de zon en de dag door de omwenteling om zijn eigen as. Dat geschied in ca. 24 uur. Dát is de lengte van een dag. Als deze lengte veranderd zou zijn in de loop der tijd zou naar mijn stellige overtuiging de aarde nu totaal in onbalans zijn qua draaien om de zon, draaien om zijn eigen as, seizoenen, eb- en vloed, etc, etc.

Persoonlijk geloof ik dat áls het zo zou zijn gebeurd dan zou het ook zo in de Schrift beschreven zijn! Immers: God openbaart in en door de Schrift zóveel geheimenissen en kennis, waarom dit dan niet? Het is daarom naar mijn idee een verzinsel van mensen.

In de Bijbel komen we op verschillende plaatsen een bevestiging tegen van het (scheppings)verhaal in Genesis, onder andere in Ps. 33:9, Joh. 1:3, Rom 4:17 en Hebr. 11:3 en vele andere plaatsen. Dit spreekt ook de idee van de “geleide evolutie” tegen.

1.3.1 God’s Tijdrekening
De mens heeft de gewoonte alles in tijdseenheden uit te drukken. God heeft die gewoonte niet. Tijd is ook een begrip wat zijn intrede deed bij de schepping. Uren – dagen – maanden – enz. zijn begrippen die alleen de mens kent.

Vanuit ons menselijke denken proberen we dan ook begrippen als ‘eeuwigheid’ te begrijpen. Dat zal niet gaan. De eeuwigheid wordt niet door tijdslimieten bepaald, maar de tijd drijft –bij wijze van spreken- in de oceaan van de eeuwigheid. Het begin van de schepping was het begin van het begrip tijd en het einde van deze schepping zal het einde van het begrip tijd zijn.

Zaken dateren is iets wat mensen graag doen. Men heeft aan de hand van de Bijbel uitgerekend dat de schepping niet ouder kon zijn dan –naar ik meen- maximaal ca. 6.000 jaar. Dit was één van de dingen die de evolutionisten aangrepen om het ‘ongelijk’ van de Bijbel te bewijzen. Want: hun onderzoek had aangetoond  ) dat er op aarde reeds miljoenen jaren leven voorkwam. Dit lijkt een ijzersterk argument om de Bijbelse waarheid te ontkennen.

Het heeft zelfs veel christenen aan het twijfelen gebracht en tot acceptatie van ideeën als de ‘geleide evolutie’ geleid of zelfs tot verwerpen van de Bijbel.
Maar…

  • de Bijbel is geen handboek voor aardrijkskunde of geschiedenis maar het Boek dat de mensen leven geeft – het heeft een heel andere doelstelling;
  • de Bijbel leert nergens wat er tussen de schepping van de aarde en de eerste dag is gebeurd;
  • de Bijbel spreekt nergens de geleerden –die beweren dat de aarde miljoenen jaren oud is- tégen! De Bijbel laat alleen maar zien dat het mensdom nu zo’n 6.000 jaar bestaat.

1.3.2 Schepping of herschepping?
Als we naar het begin van de Bijbel gaan, dan valt het op dat in Genesis 1:2 staat: “de aarde was woest [=wanordelijk] en ledig en de duisternis was op de afgrond”. Je kunt je dan afvragen hoe dat toch mogelijk is, immers: God is een God van orde, God is licht en er is geen duisternis in Hem. Het tweede vers in Genesis “spoort” dus niet met Gods karakter!

Er zijn, op basis van de wetenschappelijke ideeën en waarnemingen –bijvoorbeeld van fossielen- en op basis van de eerste verzen uit Genesis een aantal vragen te formuleren:

  1. Hoe kan een God van licht een duistere aarde scheppen?
  2. Hoe kan een God van orde een woeste, wanordelijke, aarde scheppen?
  3. Hoe kan een God, die volheid is, een lege aarde scheppen?
  4. Waar komen de zogenaamde ‘prehistorische’ dieren, bossen enz. vandaan?

Voor sommigen is dit al bekend, maar het antwoord hierop is verborgen tussen Genesis 1:1 en 1:2. Met name in Genesis 1:2 ligt de sleutel. Vanuit allerlei bronnen is aangevoerd dat wat hier staat ook vertaald kan worden als: “de aarde nu was woest en ledig geworden” of “de aarde nu werd woest en ledig”.

De gedachte is dat er vóór deze schepping een andere schepping is geweest, welke door satan meegesleurd is in zijn val. Genesis 1:1 meldt simpelweg dat “ooit”, door God, in het begin de aarde werd geschapen. Vervolgens zou dan de aarde duizenden of miljoenen jaren hebben bestaan en door de val van satan zijn verwoest. Genesis 1:2 pakt de draad weer op op het moment dat God weer verder gaat met de aarde en beschrijft dan het moment van het herscheppen, nadat alles misschien wel miljoenen jaren in duisternis is geweest, van de aarde. Maar, als alleen deze twee verzen en wat menselijke fantasie de basis is voor ons geloof in de herschepping, dan is dat wat weinig ‘bewijs’!!

In Genesis 6 e.v. lezen we over de zondvloed die God over de aarde laat komen vanwege het feit dat de mens vreselijk in zonde was gevallen. Hij moest daarom wel de aarde onder water bedekken om alles en iedereen op deze verworden aarde te vernietigen.
In Genesis 9:1 lezen we dan: “Weest vruchtbaar, wordt talrijk en vervult de aarde”

In de “Geneva Bible Notes” én in de óórspronkelijke uitgave [AV1611] van de King James vertaling lezen we echter iets anders:
9:1 And God {a} blessed Noah and his sons, and said unto them, Be fruitful, and multiply, and replenish the earth.
[vert]  En God zegende Noach en zijn zonen en zei tegen hen: “Weest vruchtbaar en vermenigvuldigd u en herbevolkt de aarde”

Moderne(re) Bijbelvertalers stáán er op dat dit woord anders vertaald wordt, namelijk met “vervult”. Feitelijk een vreemde gang van zaken. Maar de reden wordt duidelijk wanneer we naar Genesis 1:28 gaan. In onze [NBG] vertaling staat ook hier “vervult de aarde”. Maar ook hier vertaald de Geneva vertaling het met “herbevolkt” evenals de oorspronkelijke King James vertaling.

Deze verzen zijn door de toenmalige vertalers niet voor niets zo vertaald. De paralel is overduidelijk: In Gen. 1:1 zien we dat er een watermassa op de wereld is evenals bij Noach en zowel Adam als Noach krijgen beide dezelfde opdracht: herbevolking van de aarde en heersen over de schepping (Gen 1:26, Gen. 9:2). De overeenkomsten zijn zó duidelijk dat het geen twijfel mag leiden dat er vóór deze schepping –net als indertijd met Noach- een oordeel over de wereld is geweest dat alles had vernietigd.

Nog een stap verder om dit aan te tonen: wij weten, uit Ezechiël en Jesaja, dat de satan en zijn engelen “op de aarde geworpen” waren. Daarmee zijn zij uit de Hemelen verstoten en vijanden van God. Maar…. Wanneer was dit gebeurd? Immers: in het Paradijs was er al “goed en kwaad” [Genesis 2:9] en de satan was al de tegenstander van God [Genesis 3].

We gaan nog een aantal teksten bekijken:

  • Jesaja 45:18 “niet tot een baaierd geschapen” – opvallend dit verschrikkelijk antieke woordgebruik van de vertalers! “Baaierd” = chaos. Met andere woorden: God had de wereld niet geschapen om een chaos te zijn of worden!
  • Jesaja 34:11 “woestheid .. ledigheid”. Hier staat in de grondtekst “tohu wa bohu”. Dezelfde uitdrukking wordt gebruikt in Genesis 1:2. En nu wordt uit Jesaja 34 duidelijk waar dit begrip op slaat: het duidt aan dat iets woest en ledig is gemaakt door God omdat hij het geoordeeld heeft. Dus zoals hij Edom oordeelde en woest en ledig maakt zo heeft hij indertijd ook de aarde geoordeeld. Dezelfde strekking komen we tegen in Jeremia 4:23-26 (“woest..ledig” als gevolg van oordeel);
  • 2 Petrus 3:5-7. Vaak wordt beweerd – en zelfs de voetnoet van de NBG-vertaling verwijst hier naar – dat het hier gaat om de zondvloed. Dit is echter geheel onjuist!
  • Bij de zondvloed vergingen de hemel en de aarde niet! Toch staat in vers 6 dat de toenmalige wereld is vergaan, verzwolgen door het water en wordt in vers 7 gesproken over de tegenwoordige hemelen en de aarde. De tegenwoordige hemelen en aarde is dezelfde aarde als waarop Adam heeft rondgelopen en is met de zondvloed in het geheel niet vergaan!!
  • Bij de zondvloed vergingen de levende wezens niet allemaal, bijvoorbeeld de dieren in de zee….
  • Én, zo laat Petrus weten: “de tegenwoordige hemelen en aarde zijn door hetzelfde woord als een schat weggelegd, ten vure bewaard”.

Déze schepping, die wij kennen, zal door vúúr geoordeeld worden. Wederom zal het een woestenij worden en dán zal er wederom een nieuwe hemel en aarde worden geschapen door God zélf: Openbaringen 21:1.

Dit alles bij elkaar kan tot geen andere conclusie leiden dan dat de idee van een verwoesting van de aarde [tussen Gen. 1:1 en 1:2] en een herschepping zo’n 6.000 jaar geleden volstrekt Bijbels is.

We weten nu ook het antwoord op de eerder gestelde vragen: God schiep geen woeste en lege aarde, hij schiep geen aarde die in het duister was! De aarde was er al. En de fossielen? Die móeten vanuit een eerdere schepping zijn. Dat verklaart ook waarom de tussenvormen of ‘missing links’ -ook bij de dieren- waar de evolutionisten al zó lang naar zoeken er niet zijn en nooit gevonden zullen worden!

De bekende wetenschapper en grondlegger van de evolutieleer moest dan ook toegeven:
“Elke vraag naar de oorsprong van het leven is hopeloos” (Charles Darwin).

De wetenschap zal zonder geloof nooit het antwoord vinden op het ontstaan van de wereld en blind blijven zoeken naar de missing links…. Maar de gelovigen moeten de wetenschap ook niet per definitie afwijzen. Het kan ons immers leiden tot nieuwe inzichten en kennis? Als de wetenschap niet was gaan graven en geen fossielen had ontdekt, waren wij ons dan ook gaan afvragen of er voor deze schepping een schepping was geweest? Zouden we dat ooit ontdekt hebben? We hadden dan wellicht ook nooit begrepen wanneer de satan gevallen was, wat zijn herkomst was en hoe het plan van God met de wereld is!

Zoals Albert Einstein het al eens formuleerde:
Wetenschap zonder geloof is verlamd; Geloof zonder wetenschap is blind.

Terug naar document-overzicht
Dit artikel wordt u aangeboden door Het BijbelArchief.
Mocht u vragen en/of opmerkingen hebben over dit artikel kunt u contact opnemen met de aanbieder.

Waarom Baptisten geen Protestanten zijn.

Lees meer

Occultisme van geslacht tot geslacht.

Lees meer

Chapter 17

Lees meer

Studies in de Psalmen 49-55

Lees meer

Van Egypte naar Kanaän (2)

Lees meer